De MBO-opleidingen op niveau 4 word je opgeleid tot een beroep waarbij je volledig zelfstandig verschillende werkzaamheden kunt uitvoeren. 

Keuzedelen zijn een verrijking van de kwalificatie (basis- en profieldeel) en kunnen voor de student verbredend of verdiepend zijn of bijdragen aan een betere instroom van of doorstroom naar een (op)volgende opleiding. 

Er zijn drie soorten keuzedelen te onderscheiden: 

- Verdiepende keuzedelen Keuzedeel en kwalificatie zijn gericht op hetzelfde beroep. Bijvoorbeeld het keuzedeel Verdieping buitenpleisters bij de kwalificatie Stukadoor en het keuzedeel Gebogen plafond- en wandconstructies bij de kwalificatie Plafond- en wandmonteur.
 
Verbredende keuzedelen Het keuzedeel is gericht op een element van een ander beroep of het betreft een nieuw element van hetzelfde beroep. Denk bij een element van een ander beroep bijvoorbeeld aan het keuzedeel Catering bij de kwalificatie Schoonmaker in verschillende omgevingen. Een nieuw element is bijvoorbeeld gericht op ontwikkelingen en innovaties op de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld het keuzedeel Geo-ICT bij de kwalificatie ICT-beheerder. 
 
Doorstroomgerichte keuzedelen Het keuzedeel heeft betrekking op onderdelen die relevant zijn voor doorstroom naar een (op)volgende opleiding in het mbo of hbo. Het kan bijvoorbeeld gericht zijn op een hogere beheersing van taal- en rekeneisen of gericht op een onderdeel voor een specifieke vervolgopleiding. Denk aan het keuzedeel Instroom Pabo geschiedenis bij de kwalificatie Gespecialiseerd pedagogisch medewerker. Voor keuzedelen is het niet toegestaan dat de keuzedeeleisen overlappen met de kwalificatie-eisen van de kwalificatie(s) waaraan het keuzedeel gekoppeld is. Het keuzedeel moet immers een verrijking zijn van de gekoppelde kwalificatie. 

Inspelen op innovaties niveau 4

Beschrijving van het keuzedeel
Het keuzedeel stelt de beginnend beroepsbeoefenaar beter in staat in te spelen op innovaties binnen de branche door te reflecteren op eigen beroepsmatig handelen in het kader van innovatie.

De beginnend beroepsbeoefenaar heeft in zijn werk binnen de branche te maken met verschillende factoren die aan verandering onderhevig zijn. Dit kunnen zowel maatschappelijke als technische innovaties en veranderingen zijn die hun weerslag hebben op het product, de bedrijfsvoering, de relatie met de consument, enzovoort. De beginnend beroepsbeoefenaar wordt geacht op een passende manier te reageren op veranderingen. Vaak bestaat dit uit het opvolgen van nieuwe regels/instructies of het omgaan met nieuwe producten. De beginnend beroepsbeoefenaar signaleert daarnaast relevante veranderingen in de branche tijdig. Om passend te kunnen reageren op veranderingen is (specialistische) kennis en strategisch inzicht nodig. De beginnend beroepsbeoefenaar voorziet ook de mogelijke effecten van vernieuwingen op de bedrijfsvoering en anticipeert hierop. Dit is in de meeste gevallen complex: hij combineert bestaande oplossingen/procedures en bedenkt waar nodig een nieuwe aanpak.